atemi-ryu-deurne



U bent hier:


startpagina
> Budo-disciplines > karate > vrouwen







Vrouwen en karate


Zoals bij alle krijgskunsten het geval is, zijn er in verhouding tot het aantal mannelijke karateka's slechts weinig vrouwen die de karatesport beoefenen. Dit algemene beeld geldt voor alle dojo's.

De oorzaken van het feit dat zo weinig vrouwen aan karate doen, lijkt nogal voor de hand liggend: karate is vanuit haar ontstaan vrijwel uitsluitend een mannelijke aangelegenheid geweest. Als tak van sport in onze westerse cultuur is karate nog erg jong en wordt beschouwd als een mannelijke sport bij uitstek.

Onze ervaring is echter dat karate juist voor vrouwen een prima sport is. Karate wordt over de het algemeen geassocieerd met kracht, sensatie, geweld enz. Dit geldt dan met name voor de buitenstaander die via de media niet veel meer voorgeschoteld krijgt dan de beruchtste vuiststoot die in een fractie van een seconde bakstenen en planken versplintert alsof het niks is. Toppunt van kracht en mannelijkheid.

Door slechts dit ene sensationele aspect eruit te lichten ontstaat er een totaal vertekend beeld dat karate een mannelijke sport zou zijn. Er wordt meestal voorbijgegaan aan de essentie van karate en haar min of meer filosofische achtergronden. Karate is zowel een perfecte kunst van zelfverdediging als een uitstekende manier om een goede conditie en lichaamscontrole te krijgen en die het reactievermogen optimaal ontwikkelt.

Ontwikkeling van geest en lichaam gaan samen in het vrij intensieve trainingssysteem van karate. Gezien vanuit het zelfverdedigingsaspect zou het logisch zijn dat juist vrouwen de karatesport beoefenen. Want wat lichaamskracht betreft is een praktisch altijd in het nadeel als hij aangevallen wordt. De verdedigings- en aanvalstechnieken zouden het gebrek aan lichaamskracht kunnen compenseren, waardoor zij zich bij een aanval ten allen tijde voldoende zou kunnen weren.

Ons inziens is regelmatige training een vereiste om te komen tot een goed zelfverdedigingsvorm. De drempel die vrouwen moeten nemen om een krijgskunst te gaan beoefenen ligt aanmerkelijk hoger dan voor mannen,waarvan de oorzaken vooral liggen in opvoeding en door onze cultuur bepaalde normen. Bepaalde eigenschappen worden als "mannelijk" betiteld en andere als "vrouwelijk". Zo wordt vechten concurreren met elkaar, het zich lichamelijk aan elkaar als mannelijk beschouwd en bij jongens van jongs af geaccepteerd en zelfs gestimuleerd te worden om samen deze fraaie krijgskunst te delen en met enthousiasme te beoefenen.
top pagina


 

vorige pagina

knop

sitemap